Autisme – Opvoedingspunt

Home »Gedragsproblemen » Autisme

Autisme is een hersenfunctiestoornis, waarvoor de sleutel ligt bij vorming van de synapsen. Dat is de ruimte tussen hersencellen waar door chemische boodschappers of neurotransmitters de signaaloverdracht gebeurt.

Veel prikkels

Normaal gezien breekt ons lichaam de gevormde synapsen na een tijdje weer af om ze door nieuwe te vervangen, maar bij autisten verloopt dat afbreken moeizaam. Daardoor blijven ook oude synapsen ontvankelijk voor prikkels. Autisten vangen dus erg veel prikkels uit de omgeving op, maar kunnen die niet goed filteren.
“Ze hebben moeite om belangrijke van minder belangrijke prikkels te onderscheiden, zijn vaak gericht op details en zien de samenhang tussen dingen niet”, legt professor Jean Steyaert van de afdeling Kinderpsychiatrie K.U. Leuven uit.

“Ze begrijpen dingen letterlijk, omdat ze het bredere plaatje niet zien. De wereld kan voor hen erg verwarrend en onvoorspelbaar zijn. Kinderen met autisme gaan dan ook vaak op zoek naar regeltjes die ze erg rigide volgen. Ze houden zich strikt vast aan bepaalde routines, gewoontes of handelingen, en hebben beperkte maar intense interesses. Vooral met onvoorspelbare veranderingen hebben ze het moeilijk.”

Alles letterlijk

Verder hebben kinderen met autisme problemen met communiceren. Hoewel hun taalontwikkeling perfect kan zijn, hebben ze het moeilijk om te begrijpen wat andere mensen bedoelen. Ze hebben zelf ook moeite om uit te drukken wat ze bedoelen. Figuurlijke taal is moeilijk voor hen, waardoor ze humor vaak niet begrijpen. Ook hebben ze het moeilijk in het sociale leven. “De intenties achter het gedrag van anderen begrijpen, zich verplaatsen in de mentale wereld, de gedachten en gevoelens van iemand anders, sociale regels aanvoelen en soepel gebruiken, is voor hen elke dag weer een uitdaging”, aldus Steyaert.

Niet altijd even duidelijk

Alle kinderen met autisme hebben deze kenmerken, maar ze komen niet altijd even sterk tot uiting. Ze zijn opvallend aanwezig bij kinderen met een bijkomende verstandelijke beperking. Zeker bij kinderen bij wie de taalontwikkeling beperkt is, waardoor ze niet of alleen op een heel bizarre manier kunnen spreken.

Tot in de jaren 1970 kregen alleen deze kinderen de diagnose autisme. Pas later begon men ook minder opvallende vormen te erkennen. Zo zijn er de kinderen met het aspergersyndroom, die normaal begaafd zijn en een normale taalontwikkeling hebben.

Genezen?

Autisme genezen is nog steeds niet mogelijk. Psychotherapie en ondersteunende medicatie kunnen de symptomen verlichten, maar aan die medicatie hangen ook nevenwerkingen vast.

Daarom is het belangrijk dat de diagnose autisme vroeg genoeg wordt gesteld. Hoe vroeger de diagnose gesteld wordt en hoe vroeger de psychische begeleiding start, hoe minder medicatie kinderen met autisme nodig hebben.

Boektip:

Tags